Meer dan 100 jaar geleden, in 1795, was Parijs veel kleiner en hield het op bij de grenzen van de dorpen Passy, Montmartre of Belleville. In die tijd telde de hoofdstad slechts 12 arrondissementen, genummerd van west naar oost en van noord naar zuid. Pas in 1859, dankzij baron Haussmann, begon de kaart van Parijs meer te lijken op wat we nu kennen. Maar zoals je zult zien, werd die kaart totaal op zijn kop gezet door een uitdrukking uit die tijd, die toen als schandalig werd beschouwd…
Waarom hebben de arrondissementen van Parijs nummers?
Het is dankzij het enorme werk van baron Haussmann dat we de stad Parijs kennen zoals ze vandaag is. Maar destijds had het nummeringsproject een heel andere logica: die om de wijken per blok met elkaar te verbinden. Het huidige 16e arrondissement (Passy en Auteuil) zou toen… nummer 13 krijgen. Een ware belediging voor de notabelen van die tijd.

In die tijd zei men namelijk over stellen die samenwoonden dat ze “in het 13e waren getrouwd”. Een schandalige en weinig vleiende uitdrukking dus, aangezien die zeer slecht werd gezien door de burgerij en de christelijke gemeenschap die in deze wijk de meerderheid vormde. Om de woede van de bewoners te sussen, liet Haussmann de nummering per blok varen en bedacht hij die beroemde spiraal (of slakkenhuisvorm) die we nu allemaal kennen. Het 13e arrondissement werd toegewezen aan de linkeroever, die volkser was, en Passy kreeg nummer 16! Vanaf nu zul je nooit meer op dezelfde manier naar de plattegrond van Parijs kijken!